De bosanemonen staan nu volop in bloei en zijn de opvallendste lentebloeier in het bos. Vooral op zonnige dagen zorgen ze voor een sneeuwwit bloementapijt onder de nog kale bomen. Op de plateaus verschijnen er steeds meer blauwpaarse bloemen van de wilde hyacinten. Bij veel planten moeten de bloemknoppen nog verschijnen of open bloeien. Zodra de bloeistengels van de hyacinten beginnen te groeien en hun bladeren gaan liggen, zullen ze zorgen voor een mooie blauwpaarse bloemenzee. De flanken van de valleien zien, zoals gewoonlijk in het begin van de bloei, nog groen. Intussen bloeien langs de randen van de paden ook kleine maagdenpalm en bleeksporig bosviooltje. De opvallendste bloeier langs de paden is speenkruid. Net als de bosanemonen wachten ze ’s morgens op de zon om hun gele stervormige bloemen te openen. Een minder opvallende gele bloeier die niet eens elk jaar bloemen vormt, is schedegeelster. Voor zover gekend, vermeerdert hij enkel vegetatief via deling van de bloembollen. Omdat hij bloeit vooraleer bladeren te krijgen, valt in de bosranden de sleedoorn extra op met zijn mooie witte bloemen.